Vervolgartikel van: Wat is ‘esoterisch geloven’ eigenlijk?
Boele Ytsma in CV.Koers:
“Ook krijg ik reacties van mensen die afgewezen zijn in het verleden, omdat ze zich bijvoorbeeld met meer esoterisch christendom bezighielden, of omdat ze homoseksueel zijn. Zij hebben zo schrijnend het contrast gevoeld tussen de harde veroordeling enerzijds en de vrome woorden anderzijds.”
Uit: Interview met Boele P. Ytsma in CV.Koers 09/2009.
‘Ik wil twijfelaars een hart onder de riem steken‘.
Er zijn nogal wat bloggers die uitgebreid aandacht hebben besteed aan het boek Van de kaart, van Boele Ytsma. Tot nu toe heb ik slechts op enkele blogs een korte reactie geplaatst. Ook nu stip ik alleen kort een paar dingen aan.
Het verbaasde me dat er in het boek, zij het summier, iets te vinden was op het gebied van esoterisch geloven. Een tweede element dat mijn aandacht trok, wordt ook genoemd in het CV.Koers interview. Ytsma verwijst naar de opmerking van Klaas Hendrikse, dat wij God vaak achteraf zien, namelijk in ontmoetingen en in ontroering. God zegt tegen Mozes: ‘Niemand kan mijn aangezicht zien en leven, maar je mag me wel zien, maar in het voorbijgaan.’
“Je moet God aanwijzen in waar je Hem tegenkomt.” – “Kijk, Hij was daar. Als je op die manier openstaat voor de aanwezigheid van God, dan ben je wat mij betreft heel erg gelovig.”
De twee vragen die ik hieraan ontleen zijn misschien eenvoudig, maar een goede beantwoordig vereist wel enig denkwerk. Denkt u met mij mee?
1. Is een reëel gevoelde ervaring met Christus per definitie een ervaring met de Bijbelse Jezus Christus, of anders gezegd, wat moeten wij met (de term) esoterisch christendom?
2. Kunnen wij God op enigerlei wijze zien of ervaren en wanneer is een dergelijke (geloofs)ervaring een authentieke ervaring in lijn met (de) oude christelijke geloofstraditie(s)?
Goddelijke Vrijheid
Ik begin met de tweede vraag. Die vraag komt mede voort uit de recensie van Riemer Roukema van het boek Goddelijke Vrijheid van Hennie Kruize. Roukema verwijst ondermeer naar de mystieke traditie van de kerk, al bij de kerkvader Augustinus te vinden. En daar is nu ‘toevallig’ net een prachtig boekje over verschenen: Kunnen we God zien? Augustinus brief aan Paulina, van Thijs Rutten, uitgeverij Ten Have (2009). Ook al sta je kritisch tegenover kerk en theologie, dan hoeft dat niet automatisch te betekenen dat je daarmee helemaal moet afwijken van de christelijke geloofstraditie, zoals bijvoorbeeld Fennie Kruize nadrukkelijk doet. Als resultaat ziet Roukema een slecht gefundeerd boek.
Wat Kruize in het geheel niet duidelijk maakt, is waarom haar afwijzing van een starre, vreugdeloze orthodoxie zou moeten leiden tot haar westers-esoterische spiritualiteit. Er zijn ook theologieën die op een kritische wijze toch veel meer in de lijn staan van de oude christelijke geloofstraditie. Die hedendaagse vertolkingen zijn voor haar kennelijk geheel achter de horizon verdwenen. Het gevolg is dat zij een verbijsterend ongenuanceerd en slecht gefundeerd boekje heeft geschreven. Vermoedelijk toont deze kritiek voor Kruize aan dat ik een autoritaire professor ben, en dan nog van het mannelijk geslacht ook.
Wat kunnen we in redelijkheid verstaan onder een authentiek christelijke geloofstraditie? Daar zijn veel antwoorden op te geven, maar daarvoor verwijs ik graag naar een recente Tweet van theoloog John Piper. Op Twitter dus, kwam ik het volgende tegen: “Perhaps the most important paragraph I ever read outside the Bible in conceiving #ChristianHedonism.” In een paar treffende volzinnen legt Jonathan Edwards het verband tussen ‘God’s glory’ die wij als mens in ons verstand, maar óók in ons hart kunnen ervaren. “He that testifies his having an idea of God’s glory don’t glorify God so much as he that testifies also his approbation of it and his delight in it.” Een dubbele godservaring dus. De eerste vraag heb ik geprobeerd hiermee te beantwoorden.
Van de kaart
Ik wil nu ingaan op de eerste vraag. Wie het pad van bijbels geloven verlaat, kan zich ongetwijfeld nog lange tijd thuisvoelen in de veilige bedding van kerk of gemeente. De vraag is of het afdwalen van de oude christelijke geloofstraditie (Roukema), zomaar tot een vorm van esoterisch christendom kan leiden. En wat heeft die variant, of een andere theologie, dan nog voor bijbelse geloofswaarde? Deze vraag is eerder, zij het in iets andere vorm, indringend aan de orde gekomen op de blog van Jos Douma. Zie daarvoor het laatse artikel in een reeks, met de titel: Omdat het mij raakt, in response op het boek Van de kaart, van Boele Ytsma.
Het klinkt sympathiek, te schrijven (pag. 176) dat ‘geloven veelkleuriger is dan ooit’, maar als Ytsma expliciet verwijst naar de eerste eeuw gekoppeld aan hetgeen hij met enthousiasme schrijft over New Age, oude gnostiek en esoterisch christendom, dan vind ik dat schokkend. Al op 15 november 2007 schreef Ytsma een uitgebreid blog over dit thema: De veelkleurigheid van de kerk, duidelijk in de ban van theoloog G.P. Luttikhuizen. Twee citaten:
“Oude en nieuwe mystiek worden hartstochtelijk omarmd door hen die thuiskomen van de koude kermis die kerk heet.” en “Nieuwe vormen van vrijzinnigheid die zich verbinden met oosterse wijsheid – het blijkt een succesvol recept.”
In zijn boek verwijst Ytsma met name naar Hans Stolp. Ik vind dit allemaal zeer schokkend, want dat Ytsma zich buiten het belijden van de kerk der eeuwen plaatst mag inmiddels bekend zijn, maar dat hij zich zo geboeid weet juist door die spirituele stromingen waartegen de kerk zich altijd zo heeft verzet, vind ik een teleurstellende ontdekking. Niet dat Ytsma zoveel meer schrijft over ‘esoterisch geloven’ dan ik hier nu bespreek, maar toch…
De titel van deze posting verwijst naar het boek Ervaringen met Christus, Ten Have (2005), waarin Hans Stolp (en drie andere auteurs) zijn persoonlijke geloofsontwikkeling beschrijft. Het boek is een über-bonte aaneenschakeling van Oosterse mystiek. Opmerkelijk is de centrale positie die het fenomeen bijna-dood ervaring (BDE) inneemt in de levensbeschouwing van Stolp. Een onderwerp dat ik ook uitgebreid op dit blog bespreek, maar daar heel andere consequenties aan verbind dan Stolp blijkbaar doet.
De vraag dringt zich op, weet Boele Ytsma eigenlijk zelf (nog) wel waar hij staat, of is het ‘Zoekend Geloven’ een permanent doel op zich geworden? In zijn boek verwijst Ytsma naar een Joodse sage, waarin God nederdaalt met Zijn antwoorden, waardoor het onderlinge gesprek tussen twee twistende rabbi’s verstomd. God wordt subiet weggestuurd en daardoor herleeft, godzijdank, het debat. De naam van dit blog Entgegnung, is overigens ook ontleend aan een Joods verhaal. Twee twistende rabbi’s dalen af van hun ezel (hun hoogte) en lopen elkaar in ootmoed tegemoet. Het is meer onze eigenwijsheid (en theologische trots) die we moeten afleggen, dan dat we Goddelijke antwoorden zouden moeten vrezen. ‘Zittend Luisteren’ aan de voeten van de Meester, zou de bekende christen-mysticus Sadhu Sundhar Singh zeggen, maar Jezus is en blijft wel de Meester en niet ‘onze’ naaste buurman zonder dogmatiek. De bijbel oprecht aan het woord laten is voor niemand gemakkelijk. Confronteren doen Jezus én de apostelen ons allemaal; orthodox én vrijzinnig, maakt niet uit.
Is mijn eerste vraag hiermee nu ook beantwoord? Slechts ten dele denk ik. Voor een vollediger antwoord wil ik tot slot wijzen op een heel ander boek, namelijk The Beautiful Side of Evil van Johanna Michaelsen. Er is geen boek (dat ik gelezen heb) dat zo duidelijk uitlegt, dat wie de weg van meditatie en christusverschijningen opgaat, onvermijdelijk de duisternis indrijft. En, je krijgt dat pas door (keihard voor je kiezen) op het moment dat je je eraan probeert te ontworstelen. Voor sommigen kan dat zelfs te laat zijn, want de boze is nu eenmaal een slecht verliezer. Wie verder wil lezen over moderne esoterie en zoganaamd christelijke meditatietechnieken, moet dit enorm belangrijke boek lezen. Ik garandeer u daarbij een spannende ontknoping; in het Zwitserse L’Abri nog wel. Een onmisbaar boek voor post-moderne twijfelaars!
This book, The Beautiful Side of Evil by Johanna Michaelson is an extraordinary story about Johanna’s involvement in the occult and how she learned to distinguish between the beautiful side of evil and the true way of the Lord.
Voor nog meer artikelen van Riemer Roukema over gnostiek en esoterisch geloven, verwijs ik naar mijn website apologia.nl
Voor een bespreking van bijna-dood ervaringen vanuit christelijk perspectief, verwijs ik naar de categorie Bijna Dood Ervaring op dit blog.
Dit is het vervolg van: Wat is ‘esoterisch geloven’ eigenlijk?